begraven in en rond de kerk

de grafkelder in de kerk en de liturgische kerktuin

Wie oude kerken bezoekt, vooral in de steden, ziet dan nog vele grafzerken in de vloer. Eenvoudige, maar ook rijk geornamenteerde. Vroeger was het voor de mensen die geld hadden en dus voornaam waren heel gewoon om in de kerk begraven te worden. De minder bedeelden vonden een rustplaats rondom de kerk op het zo genoemde kerkhof. Ook in Zelhem was het niet anders.

In de kerk zijn velen begraven. Over de periode van vóór de reformatie eind 1500 weten we niets.
Het geslacht Van Baar heeft het erfelijk recht in de kerk begraven te worden. In 1647 vraagt Herman van Baar van kasteel De Slangenburg de kerkenraad een grafkelder voor zijn familie in de kerk aan te leggen, waarvoor hij 100 carolisgulden betaalt.

Wie allemaal nadien in de kerkruimte zijn begraven weten we ten dele sinds 1751 uit de vanaf dat jaar aanwezige begraafboeken. Oudere gegevens zijn er niet. Op 12 april 1820 betalen de kinderen van wijlen J.M. Praasterink voor het begraven van hun vader in de kerk f. 6,00. Zo ook de weduwe W. van der Hout op 8 mei 1821 f.6,-- voor het begraven van haar man.
Andere namen zijn o.m. Maria Hukker; Dersken Hesselink; Jan Aalderink; Lucas Bennink om enkele namen te noemen die in Zelhem nog steeds voorkomen.

Download de volledige tekst:

application/pdf Lambertikerk Historie III (480.6 kB)

Ga terug